Het was het begin van vorige eeuw (om precies te zijn in 1919), dat steenhouwer Andries Struijk besloot een eigen zaak op te richten. Onder leiding van zijn drie zonen Jacques, Piet en Wim groeide de steenhouwerij al snel uit tot een vennootschap, waarbij ook betonfabrieken en een bouwmaterialengroothandel werden ondergebracht. Omdat de steenhouwerij een relatief klein aandeel vertegenwoordigde ten opzichte van de overige handel, besloot men deze in 1989 te stoppen.

Wim Struijk was altijd de man van het natuursteenbedrijf geweest. Het was dan ook zijn jongste zoon die interesse toonde in natuursteen. In 1992 meldde Joep Struijk zich bij de steenhouwersvakschool te Utrecht. Na het afronden van deze opleiding was hij enkele jaren werkzaam bij diverse steenhouwerijen. Hij vervolgde zijn scholing aan de Academie voor Schone Kunsten te Antwerpen.

In 2001 startte Joep zijn eigen onderneming. Geen steenhouwerij zoals voorheen, maar een atelier voor steen- en beeldhouwkunst. Tot op de dag van vandaag is de ervaring van drie generaties steenhouwers te voelen in dit atelier. De gevleugelde uitspraak van Frans Heirbaut, zijn leermeester in Antwerpen, is hier dan ook geheel op zijn plaats: “Kunst begint, waar het ambacht eindigt.”